Bestel NOX
07 december 2017

Architectuur van de Slaap

Word je ook wel eens wakker op het hoogtepunt van je droom? De wekker gaat en je zat net op de rug van een vliegende dinosaurus je kleine zusje achterna? Of ken je dat gevoel; je wordt wakker geschud uit een diepe slaap en voor een moment heb je geen idee waar je bent?

Conclusie: niet alle slaap is hetzelfde. Je kunt uit verschillende slaapfases ontwaken en die zijn allemaal anders. Over het algemeen wordt er een onderscheid gemaakt tussen twee verschillende slaapfases: de REM-slaap en de non-REM-slaap. De REM-slaap is de welbekende droomslaap waarin je hersenen actief zijn en je ogen bewegen. REM staat voor ‘rapid eye movements’ wat snelle oogbewegingen betekent. Het grootste gedeelte van de nacht verkeren we echter in de non-REM slaap, ook wel de normale slaap genoemd. De normale slaap is weer onder te verdelen in de sluimerfase, de lichte slaapfase en de diepe slaapfase. Er bestaat een vaste volgorde voor deze slaapfases. Dit hele rijtje – de zogenaamde slaapcyclus – doorloop je vier tot zes keer per nacht. Hieronder vind je de fases die je per slaapcyclus doormaakt uitgebreider uitgelegd.

 

Sluimerfase (1)

De eerste fase van de non-REM-slaap is een overgangsfase tussen de waak- en slaaptoestand. Deze fase duurt gemiddeld drie tot vijf minuten waarbij de lichaamstemperatuur daalt en de spieren ontspannen.

 

Lichte slaapfase (2)

De tweede fase is iets dieper en duurt gemiddeld dertig tot veertig minuten. Deze fase beslaat tot 50 procent van de totale slaapduur per nacht. Het is het begin van de ‘echte’ slaap. Je wordt in deze fase niet zomaar wakker van elk geluid.

 

Diepe slaapfase (3)

In fase drie ben je erg ontspannen en moeilijk wakker te krijgen. Je ademhaling is diep en je hartslag is langzaam en regelmatig.

 

REM-slaap (4)

In fase vier begint de REM-slaap, ook wel de droomslaap genoemd. In deze fase zijn de grote spieren van je ledematen verlamd. Als dit niet zo zou zijn, zou je uit je bed kunnen springen om je dromen achterna te gaan. Wetenschappers kunnen zien of iemand in de REM-slaap zit aan de snelle oogbewegingen onder de gesloten oogleden. De hersenen zijn tijdens deze fase volop actief, bijna net zo actief als tijdens waakstaat. Op de vraag waarom de hersenen zo actief zijn is nog geen eenduidig antwoord. Maar deze constatering doet vermoeden dat de slaap meer is dan een rustfase. Het vermoeden bestaat dat de complexe activiteit patronen te maken hebben met het herverwerken en reorganiseren van informatie (Talamini 2010). Naarmate de nacht vordert, worden de perioden met REM-slaap steeds langer. In totaal neemt de droomslaap 20 tot 25 procent van de slaapduur in beslag.

Naoto Hattori – REM Sleep

 

Bronnen

TALAMINI L. (2010). Slapen om te leren. In Lazeron N., van Dinteren R. (eds) Brein@work. Houten, Bohn Stafleu van Loghum.

https://link-springer-com.proxy.uba.uva.nl:2443/chapter/10.1007/978-90-313-7816-6_18

Terug